Het
idee Het principe van een vlamhapper is feitelijk uiterst
simpel ( zie de pagina:
principewerking van de vlamhapper ). De constructie van de uitwendige schuif
die de opening in de cilinder cyclisch moet vrijgeven en weer afsluiten is echter
naar verhouding tamelijk complex. Maar vooral het afstellen ervan is mij erg kritisch
gebleken. Kleine afwijkingen leiden daarbij gemakkelijk tot een slecht of niet
lopende motor. Dit
bracht mij op het idee om de cilinderopening niet uitwendig maar inwendig af te
sluiten en wel met een tweede zuiger die met een kleine slag het gat in de cilinder
vrijgeeft, respectievelijk sluit. Deze constructie maakt het tevens mogelijk om
deze inwendige schuif rechtstreeks door de werkzuiger te laten aandrijven op een
uiterst simpele manier.
Het
principe Als
de werkzuiger in de meest rechtse positie is aangekomen heeft die de inwendige
schuif over het cilindergat geduwd via het stotertje dat in de cilinderwand op
en neer kan bewegen. Op dat moment is het hete gas dus in de cilinder opgesloten
en begint af te koelen. Daardoor ontstaat er een onderdruk in de cilinder, waardoor
de werkzuiger naar links wordt gedrukt door de buitenlucht (witte pijlen in de
animatie). Dit levert in feite de arbeid voor de motor op. Deze onderdruk werkt
ook op in de inwendige schuif, waardoor die in de rechter positie blijft staan,
zodat het gat in de cilinder afgesloten blijft. Als de werkzuiger naar links beweegt
wordt het gas weer samengedrukt. Vanaf het moment dat de druk in de cilinder weer
gelijk wordt aan die van de buitenlucht wordt de schuif automatisch open gedrukt
als de zuiger zich verder naar links beweegt door het vliegwieleffect. Als je
goed oplet is dit effect op de animatie te zien. De schuif werkt zodoende tevens
als ventiel, waardoor er nooit overdruk in de cilinder kan ontstaan, die de motor
zou afremmen. Een klein nokje op de werkzuiger drukt de schuif even daarna mechanisch
verder open naar de meest linkse positie. Daardoor wordt de opening in de cilinder
geheel vrijgegeven, zodat de hete vlamgassen weer vrij baan krijgen om naar binnen
gezogen te worden als de werkzuiger zich weer naar rechts beweegt door het viegwiel
effect. Als de werkzuiger weer rechts is aangekomen herhaalt de cyclus zich.
Voordelen Dit ontwerp heeft een aantal
belangrijke voordelen t.o.v. de gangbare constructie met de uitwendige schuif:
1.Het tamelijk precaire mechanisme om een uitwendige schuif te bedienen met nokrol,
tuimelaar, meenemer en aandrukveer vervalt geheel en daarmee ook het kritisch
afstellen van de nokschijf, de veerdruk op de nokrol en de schuif en de timing;
2.De afdichting
van de inwendige schuif is eenvoudig een kwestie van een goede passing maken in
de cilinder. Die is dan eenduidig en kan niet meer varieren omdat er verder niets
aan in te stellen is; 3. Er kan nooit een remmende overdruk in de cilinder
ontstaan omdat de schuif bij de geringste overdruk het gat in de cilinder automatisch
vrijgeeft. Het ontstaan van een tijdelijke overdruk bij de vlamhapper met uitwendige
schuif is vermoedelijk oorzaak van het moeilijk afstellen van die uitwendige schuif;
4. De wrijving van de inwendige schuif is aanzienlijk minder dan het complete
systeem voor een uitwendige schuif, waarbij meestal ook nog enige veerdruk overwonnen
moet worden; 5. De inwendige schuif wordt minder warm dan de uitwendige schuif,
die rechtstreeks door de vlam wordt aangestraald, evenals de aandrukveer;
6. De instelling van de parameters om de motor goed te laten lopen zijn impliciet,
d.w.z. dat er helemaal niets meer valt in te stellen, waardoor er ook niets meer
kan verlopen. De motor is zodoende 100% betrouwbaar geworden onder alle omstandigheden;
7. Vanwege de symmetrie draait de motor evengoed rechtsom als linksom. Niet echt
een voordeel misschien, maar toch; 8. Het ontwerp is uitermate simpel en robuust
met een minimum aan onderdelen die stuk voor stuk eenvoudig te maken zijn. Een
aardig model voor een niet al te ervaren modelbouwer; anders gezegd: "een
kind doet de was".
Motor
prestaties - Het motortje start
100% betrouwbaar op ca 1 minuut nadat de spiritusbrander is aangestoken. In die
eerste minuut condenseert er wat water van de vlamgassen tegen de koude cilinder,
waardoor de motor even niet wil lopen. Deze condens verdwijnt in die eerste minuut
waarbij het vliegwiel enkele malen moet worden rondgedraaid. - Deze vlamhapper
heeft geen voorkeur voor draairichting. Dit is een direct gevolg van het feit
dat de nokschijf voor de schuif, die in de classieke uitvoering asymetrie vertoont
in het bewegingsdiagram, hier ontbreekt. - Goed afgesteld bedraagt de omwentelingssnelheid
400 tot 500 toeren per minuut en als alles in goede conditie is.
Tenslotte Door de extreme eenvoud oogt deze vlamhapper wellicht niet zo spectaculair
voor een argeloze toeschouwer. Maar ik veronderstel dat dit unieke ontwerp zeker
gewaardeerd zal worden door menig collega in het kleine wereldje van vlamhapper
bouwers.
Publicatie Over
deze vlamhapper is een artikel verschenen in het NVM Maandblad "De Modelbouwer"
2007/ nr.2
Probleem
analyse & oplossingen Ik
ben een paar keer benaderd door modelbouwers die dit motortje in eerste instantie
toch niet (of niet goed) aan de praat kregen of hielden. Soms zit er een funest
foutje in een klein hoekje. Hieronder een soort standaard checklist om een of
meer van die foutjes op te sporen en die te elimineren. Volg deze checklist systematisch
in de aangegeven volgorde. De opgegeven waardes zijn gerelateerd aan mijn exemplaar
dat zeer goed loopt met (max) 400 toeren per minuut:
1.
Het motortje moet licht lopen Men moet zich realiseren dat het vermogen
van vlamhappers relatief laag is. De dynamische onderdruk die in de cilinder ontstaat
tijdens het afkoelen van de ingezogen vlamgassen bedraagt slechts enkele tienden
van een atmosfeer. Dit betekent dat de mechanische wrijvingen zo laag mogelijk
moeten worden gemaakt. Daar komt nog bij dat bij een 1-cilinder de motor arbeidsloos
is tijdens de aanzuigslag zodat gedurende die slag het motortje aan de gang gehouden
moet worden door de opgeslagen energie in het vliegwiel.
Testen
met koude motor, zonder vlam en absoluut géén olie tussen
zuiger en cilinderwand: - Geef
het vliegwiel een ferme zet met de hand; - Het geheel losgekoppelde vliegwiel
moet dan 1,5 tot 2 minuten blijven doorlopen; - Met alléén de
zuiger eraan gekoppeld moet het vliegwiel minstens 15 seconden doorlopen;
- Met de zuiger, de schuif en de stoter eraan gekoppeld moet het vliegwiel 5 á
7seconden doorlopen.
Als
dit sterk afwijkt in negatieve zin is er dus ergens te veel wrijving. Mogelijke
oorzaken zijn: - Aanslag van vlamgasresiduën en condenswater op zuiger,
op de schuif en op de cilinderwand. Zo'n aanslag is er bijna altijd als het motortje
tevoren op spiritus gelopen heeft en daarna is afgekoeld. Vrijwel altijd wil het
motortje dan niet meer opstarten. Maak de zuiger, de schuif en het inwendige
van de cilinder dan goed schoon met een pluisvrij doekje met een beetje oplosmiddel
zoals terpentine of, bij voorkeur, WD40. Wrijf het goed na met een droog doekje
en doe de looptest opnieuw. - De passing van de zuiger en/of de schuif is
te nauw. Polijst de zuiger en/of de schuif in de cilinder
met fijne slijppasta. Autocleaner Commandant
nr.4 of koperpoets kan hiervoor ook heel goed gebruikt worden. Maak alles weer
goed schoon zoals hierboven beschreven en doe de test opnieuw. - De stoter
wringt. Er moet wat ruimte zitten in het gaatje waar de stoter door het asje van
de schuif steekt. Het moet dus werken als een "meenemer". De stoter
evt. wat smeren in zijn geleiding met naaimachine olie.
2.
De afdichting van de zuiger en de schuif De zuiger moet enerzijds
licht in de cilinder lopen, maar anderzijds daarin ook bijna luchtdicht afsluiten
en dat zonder olie.
Het
boring in de cilinder moet daarom zuiver cilindrisch en glad zijn. De diameterverschillen
over de lengte van het gat mogen niet meer zijn dan ca 0,02mm. Dit is tamelijk
eenvoudig te bereiken door het cilindergat handmatig en met ruim olie op te ruimen
met een verstelbare ruimer waarbij met een zelfde ruimer instelling de cilinder
enkele omgedraaid wordt totdat de ruimer er vlot doorheen gaat.. De ruimer daarna
steeds een fractie groter instellen en deze behandelingen herhalen totdat er nauwelijks
nog diameterverschillen meetbaar zijn. Deze methode doet weinig onder voor honen,
hoewel dat wellicht de beste methode is als men daar tenminste de beschikking
over heeft De diameterverschillen tussen het cilindergat enerzijds en van
de zuiger en de inwendige schuif anderzijds mogen niet meer zijn dan 0,03mm. Daarom
eerst het cilindergat maken zoals boven beschreven en dan de zuiger en schuif
ook mooi cilindrisch en glad draaien totdat die enigzins hakend in de cilinder
passen. Dan de zuiger en schuif handmatig in de cilinder polijsten met een fijne
schuurpasta (of autocleaner Commandant nr4 of koperpoets) totdat die er vlot doorheen
lopen nadat alles weer goed is schoon gemaakt. Controleer
de goede afdichting van de zuiger en van de schuif in de cilinder als volgt met
koude motor en zonder vlam: - Zet de zuiger in de meest rechtse positie;
- Druk ook de schuif in de meest rechtse positie waarbij de cilinderopening wordt
afgesloten; - Beweeg de zuiger langzaam naar links door aan het vliegwiel
te draaien. Door de overdruk die dan meteen in de cilinder ontstaat wordt
de schuif ook meteen naar links geduwd en wel zover dat het cilindergat net vrijkomt,
hetgeen te zien is aan een een klein spleetje rechts van de schuif. Als de zuiger
verder naar links wordt bewogen beweegt de schuif niet meer omdat er geen overdruk
meer kan worden gemaakt als gevolg van het geopende cilindergat. - Als de
schuif in het geheel niet naar links wordt gedrukt is er dus geen overdruk gemaakt.
Er is dan een te groot lek langs de zuiger en de cilinderwand en/of langs de schuif
en de cilinderwand. Er is dan maar één remedie: een nieuwe zuiger
en/of schuif maken met goede passing in de cilinder.
3.
De materialen voor cilinder, zuiger en schuif Het
materiaal voor de zuiger en de schuif moet een gelijke of lagere thermische uitzetting
hebben dan het materiaaal waarvan de cilinder gemaakt is om te voorkomen dat die
vastlopen in de cilinder als gevolg van de tamelijk forse temperatuurstijging
tijdens het draaien van de motor. Ik heb de beste ervaring met perlytisch gietijzer
(GG25) voor zowel de cilinder als de zuiger en de schuif. Het enige nadeel van perlietisch gietijzer is dat het wat roestgevoelig is. Onder punt 6 is beschreven hoe dat tot een anvaardbaar minimum te reduceren is.
Sommige modelbouwers hebben mij de volgende alternatieven gemeld die ook goed werken:
- Roestvrij stalen cilinder met gietijzeren zuiger en schuif;
- Alles van roestvrij staal;
- Zuiger en schuif van grafiet
in gietijzeren of roestvrij stalen cilinder. De zuiger
en de schuif nooit smeren met welke dunne olie dan ook!
Dit werkt echt averechts en is ook absoluut niet nodig.
4. De afstelling van de stoter -
De stoter moet zodanig worden worden afgesteld dat die slechts enkele tienden
van een millimeter op en neer kan bewegen, zowel in de uiterst linkse als in de
uiterst rechtse positie van de zuiger.
In
de uiterst linker positie kan deze speling worden ingesteld door de aanslag achter
op de stoter te verschuiven en die op de juiste plaats vast te klemmen met het
M2 schroefje. In de uiterst rechter positie moet de speling worden ingesteld door
het verdraaien van het tweede M2 schroefje
dat tegen de zuiger aanslaat en dat dan te borgen met het contramoertje daarop.
- Als de nok op de zuiger de schuif in de uiterste linker positie heeft geduwd
moet het cilindergat juist geheel vrijgegeven zijn. Als de maten op de
tekening goed zijn gevolgd is dit automatisch het geval. Anders moeten er wat
correcties worden aangebracht m.b.t. de hoogte van de nok op de zuiger of de afstand
van de cilinder t.o.v. de hartlijn van de vliegwiel as; - In
de uiterst rechter positie van de schuif moet het cilindergat worden afgesloten
met een overlap van 1 á 1½ mm.
5.
De vlam afstelling De
vamhapper kan aléén goed lopen als er er uitsluitend hete vlamgassen
naar binnen worden gezogen. Daar zijn alle vlamhappers uiterst gevoelig
voor ! Er moet
dus voorkomen worden dat behalve vlamgassen ook nog valse en koude buitenlucht
mee naar binnen wordt gezogen. Neem
daarom de volgende maatregelen: - De vlam moet het cilindergat behoorlijk
ver overlappen; zie onderstaande schets. - Ietwat merkwaardig maar erg belangrijk
is dat het hart van de vlam 5 á 6mm links staat t.o.v. het hart
van het cilindergat. Zeer waarschijnlijk is dit het gevolg van het feit dat de
vlamgassen onder een zekere hoek naar binnen worden gezogen. - Een wapperende
vlam veroorzaakt ook aanzuigen van valse buitenlucht. Enige tocht kan heel snel
leiden tot slecht lopen of stoppen van de motor.
De
effecten van de positie van de vlam t.o.v. het gat in de cilinder zijn dramatisch
groot. Daarom heb ik een hele reeks experimenten gedaan om de optimale positie
in dit geval te bepalen. Onderstaande schets geeft daarvan de resultaten en een
drietal foto's rechts op deze pagina tonen de werkelijkheid.
Opmerkelijk is dus ook dat de lont tegen het metaal
van de cilinder moet liggen (maat "0") en duidelijk ca 5mm links ligt
t.o.v. het gat in de cilinder. De vlam wordt hierdoor goed in de cilinder gezogen
en kennelijk zonder bijmenging van valse koude buitenlucht. Deze positie van de
vlam maakt de motor uiterst betrouwbaar met een maximale snelheid van 400 tot
500 omwentelingen per minuut. De spiritusbrander moet dus in horizontale en
verticale richting zodanig worden opgesteld dat deze situatie ontstaat.
6.
Water condens Als de lont wordt aangestoken zal er gedurende de eerste minuut wat condenswater tegen en in de koude cilinder ontstaan. Het is aan te bevelen om gedurende die tijd de motor stil te laten staan met de zuiger en de schuif in hun achterste positie. Door het opwarmen van de cilinder zal dan dit condenswater verdwijnen. Op deze manier wordt roestvorming van het perlietisch gietijzer sterk verminderd.
7.
De brandstof
De motor prestatie en de betrouwbaarheid bij het
opstarten kan behoorlijk worden verbeterd door het gebruik van pure alcohol (ethanol)
in plaats van spiritus. Ethanol heeft een grotere verbrandingswarmte en vervuilt
ook veel minder dan spiritus dat naast ethanol ook ca 10% water, 2% methanol en
een blauwe kleurstof bevat. Alcohol 96% is bij de drogist te verkrijgen danwel
te bestellen; ca 12 Euro per liter. !!
Nooit 100% methanol gebruiken; het is gevaarlijk giftig !!
8.
Onderhoud Zoals
gezegd zal er na het afkoelen van de motor vrijwel altijd een aanslag ontstaan
op de zuiger, schuif en cilinderwand die al heel snel een te grote wrijving zal
opleveren bij een volgende opstart. Daarom moet deze aanslag steeds verwijderd
worden na een run zoals onder punt 1 is aangegeven . Geen moeilijk karwei omdat
de zuiger en schuif zeer eenvoudig te demonteren en weer te monteren zijn.
Het lijkt een hele waslijst, maar het is allemaal heel goed haalbaar.
Als men hieraan voldoet loopt het motortje als een tierelier!